Greep uit het verleden #2

Lieve …,

Vandaag wil ik graag weer wat oude verhaaltjes met je delen. Deze schrijfsels zijn al een paar jaar oud en gaan eigenlijk nergens over, maar dat is nou juist wat ze in mijn ogen zo leuk maakt. Verwacht dus vooral geen literaire hoogstandjes, eerder pure onzin. Verder zijn deze verhaaltjes nog van voor de tijd dat ik het licht zag van werkwoordspelling, dus alvast mijn welgemeende excuses voor eventuele fouten. Ik wilde niets aanpassen omdat het dan niet meer een volledig oud werk is maar meer een aangepast werk. So sit back, relax and laugh (at least a little).

 

Oestie

Er was eens, ooit op een dag, een vrij ludieke oester. Zijn vader was minister van binnenlandse zaken. Oestie had geen fiets, maar wat hij wel had, was een driewieler. Elke dag fietste hij met zijn limited edition driewieler, die goude fenixdriewieler van de reclame, naar zijn school. Er zaten niet veel kleine mensjes op zijn schooltje. Zijn vader zei dat dat kwam omdat Oestie beter is dan de anderen, Oestie begreep niet waarom, maar hij was ook nog maar klein. Elke ochtend aan het ontbijt zei zijn vader tegen Oestie: ‘Oestie, de geheime politie, het zijn oplichters, onthoud dat goed.’ Op een dag was Oestie ongehoorzaam op school. Hij was met zijn drie elite klasgenootjes in de niet zo florissante bezemkast gaan zitten. Ze deden een spel, het leugenaarsspel. ‘Maar wie zijn dan de leugenaars?’ Vroeg Dompel de dauwdruppel zich af. ‘De geheime politie natuurlijk!’ riep Oestie gelijk. Dompel en Oestie waren al maten sinds ze nog in de satijnen luiers rondliepen. Plotseling hoorden ze een klikgeluidje. Oestie schrok. Dompel en Oestie begonnen te giebelen. Bubbel de waterkoker was boos, hij klikte omdat zijn water kookte. Hij gooide met de poppetjes die bij het spelletje hoorden en hij gebruikte schunnige woorden waarvan Oestie dacht dat het Sisseltong was. Ze verstonden niet wat Bubbel bedoelde. Op hun basisschool, de elite, leerden het jonge gespuis geen Sisseltong. Dat was iets voor het nageslacht van de mensen die in een BMW reden in plaats een Lambourgini. Er rinkelde een bel. Het was tijd voor de middagmaaltijd. Op de Elite serveerden ze ware delicatessen. Vandaag stond er gepocheerde olifant op het menu. Jammie, gepocheerde olifant was het gerecht dat Oestie het meest prefereerde. Plotseling viel er een steen. Dat was het einde van de Elite.

Speedy de cavia en Champy het glaasje champagne

Er was eens en cavia genaamd Speedy. Hij woonde in een caviahok. Maar wel een hele luxe. Het had een fitnissruimte met o.a. een renrad en natuurlijk en apart huisje vol met het allerzachtste hooi. Maar ondanks al zijn bezittingen was hij niet gelukkig. Hij miste een heel belangrijk ding een zijn leven… Liefde. Hij kon de juiste persoon maar niet vinden, hier werd hij heel ongelukkig van. Hij ging met zijn vrienden naar een cafeetje in de buurt. Hij dronk zijn verdriet weg met champagne tot de champagne tegen hem begon te praten. Ze heette Champy. Hij was op slag verliefd op dit glas champagne. Hij wilde haar net gaan zoenen toen zijn vrienden ingrepen en hem naar een dokter brachten. Hij werd onder narcose gebracht en alle alcohol werd uit zijn maag gepompt. Toen hij bijkwam was een zuster bij hem bezig, ze vond hem super schattig, en hij voelde voor har hetzelfde als voor het champagneglas. Ze leefden nog lang en gelukkig.

 

Flippy de dolfijn

Er was eens een dolfijn. Hij heette Flippy. Flippy was een jong dolfijntje. Hij hield erg van spelen en van springen. Ja springen dat deed hij het allerliefste. Op een dag ontmoette hij een kleine kreeft. De kreeft was vuurrood en had kleine scharen. ‘Hallo, ik ben Flippy’, zei hij tegen de kreeft. ‘Ik ben Dante’, antwoordde de kreeft. Dante en Flippy praatten over vanalles en nog wat tot ze ineens een erg luide knal hoorden. Ze schrokken en keken wild om zich heen. Een grote stofwolk rees op van de bodem van de oceaan. Flippy en Dante haastten zich naar de plek waar het stof vandaan kwam. Er lag een klein visje op de bodem. Het visje was lichtgoud en had kleine glimmende oogjes. ‘Wat is er met je aan de hand?’, vroeg Flippy geschrokken aan het kleine visje. ‘Er kwam ineens een steen naar beneden vallen, ik probeerde weg te zwemmen maar ik was te laat en werd geraakt op mijn linkervin, ik heb hem gebroken.’ Dante zei tegen Flippy dat ze het kleine visje heel snel naar het ziekenhuis moesten brengen. ‘Hoe heet je eigenlijk?’, vroeg Dante toen aan het kleine visje. ‘Mijn naam is Eliah.’ Flippy en Dante brachten Eliah snel naar het academisch medisch vissen centrum, daar werd de vin van Eliah gemaakt. Flippy, Dante en Eliah werden beste vriendjes en speelden nu altijd samen.

Did you smile? DID YA, DID YA, DID YA? (Dory voice, just kiddding).

Knuffels ❤ ,

Manon

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s